www.9oo.cc
www.MadeinNederland.nl

Menu en Links: Motoren:

RM125
XL500S
CB750FII
Z650
CB750F
CB750F
GS495s
ZX10
FZR600
CBR1000
FZR1000exup
CBR1000F
ZX-9R '95
ZX-9R '99
RSV Mille Tuono 
R 1200 GS
Motortoerritten:
BeNeLuxDe 2001
Ardeche 2003
Ardeche 2005 
5 Landen rit 2005
Zon in je bek rit 2005
Motor-Forum Tuono-rit 2005
Motor-Forum Tuono-rit 2006
Motor-Forum Toerrit 2007
Media:
Diverse films
Ongesorteerde films 
Techniek:
Vering afstellen
Handleidingen
Made:
Wat is Made?
Kijk op Drimmelen
Nationaal park de Biesbos
Gemeente drimmelen

 
www.MadeinNederland.nl en www.9oo.cc

De 4 daagse motorrit van 2003:
Bestemming: Frankrijk, Ardeche.

 

Op woensdag 3 september 2003 ben ik vertrokken voor een 4 of 5 daagse motorreis.
De reis zou leiden naar Frankrijk, daar waar de wegen mooi zijn en de temperatuur lekkerder.
Als voorlopige bestemming heb ik aangehouden de Ardèche of de middellandse zee.
De motor is een Kawasaki ZX-9R met als enige bagage een rol op de passagiersplaats. Het is de bedoeling om hotels aan te doen, dus veel hoeft er niet mee. 

Op woensdagochtend om 09:47 (veel te laat, maar 1 dag voorbereiding) ben ik vanuit Breda de snelweg opgereden. De bedoeling is namelijk om in 1 dag of in de Ardèche te zitten of aan de middellandse kust. Aangezien dit een minimum afstand inhoud van 1050 kilometer heb ik er voor gekozen om de route du Soleil af te zakken. Hierbij een vooraf ingeschatte snelheid van ongeveer 120 km/uur proberen aan te houden. Dus binnen 10 uur moet ik bij Montemillar de snelweg verlaten, of doorrijden naar de kust. Dit zal blijken dat dit een mooi gegokte snelheid is, zo mooi dat er ’s avonds nog een extra ritje inzit door de omgeving.
De E19 naar Antwerpen is altijd een beetje oppassen, op dit punt is de Belgische politie gedreven om de Nederlandse hardrijders een lesje te leren, rustig beginnen dus en goed opletten.
Het is een mooie tijd om de zithouding te testen en te kijken of alles goed vastzit en niet te veel kan bewegen (flapperen). Op een reis van meer dan 1000 km is het goed om regelmatig te controleren op flapperende items, deze kunnen bij hogere snelheden snel kapot gaan, of hun regendichtheid verliezen. Tevens een mogelijkheid om de kleding te sluiten, het blijkt een lekker frisse temperatuur te zijn van 10,5 graden. Dit laat alle windspleten genadeloos voelen. Ik ben gekleed in een lederen(combi)pak welke ongevoerd is. Als onderkleding draag ik een T-Shirt met een bloes, ondergoed en sokken. Niet te veel dus en redelijk fris voor deze temperaturen. Wel is het zo dat deze temperatuur binnen het uur naar de 13 á 15 graden moet gaan, iets wat gelukkig (!) ook gebeurd is. De ochtendfrisheid kan zo extra snel afgeschud worden en daarna is het lekker wakker en bere-fris een begin te maken voor de rit naar de zon.

Vanaf Brussel gaat langzaam maar zeker de temperatuur omhoog, evenals de kilometers. Bij de eerste benzinestop heb ik 213 km gedraaid in 1:35 uur, een startgemiddelde van 134,5 km/u. Niet verkeerd dus. Het rekenen en anticiperen op de andere verkeersdeelnemers (of chicanes bij het stijgen van de snelheid) geven voldoende afleiding om lekker ontspannen en monter het asfalt onder de wielen door te slaan. Op de E411 passeer ik verschillende “leuke” auto’s (Porsche, Aston Martin) maar helaas hebben ze geen zin in een gezellig spelletje, waarschijnlijk kennen ze de (pijnlijke) uitslag al!!
Na 2:13 uur rijd ik Luxemburg binnen, hier zijn ze (langdurig) aan de weg aan het werken, dit gaat ten koste van wat tijd, maar daar heb ik voldoende van na zo’n mooie start.
Overigens ben ik in Luxemburg altijd iets voorzichtiger, ik weet niet waarom maar vertrouwen doe ik ze hier niet. Ik heb zwaar het idee dat een Luxemburger standaard een gatsometer heeft.
Eindelijk in Frankrijk, hier kan de snelheid omhoog, de politie let hier buiten het toeristenseizoen niet echt op. Wel blijft het super link, de prijzen zijn niet mals voor een mooie actie foto. Metz, Nancy, Langres en Dijon passeren zonder problemen, met het passeren van Dijon weet ik dat ik altijd over de helft ben, een klein feestje waard op dat moment. Tijdens de Franse snelwegen valt het mij op dat de Fransen goed aan de kant gaan voor een snelle motorrijder (gemiddeld 160 – 180 km/u) maar dat ze hierbij niet volledig naar rechts gaan. Ze zetten hun richtingaanwijzer uit en gaan ongeveer 1 meter opzij. Zelfs als ze naast andere voertuigen zitten. In het begin is dit niet geweldig, maar naar een tijdje wen je eraan en kan de snelheid lekker constant blijven. De Nederlanders welke ik onderweg tegenkom vinden deze methodiek van inhalen niet echt sympathiek, iets wat later terug in Nederland bevestigd gaat worden. Maar op de Franse wegen werkt het prima en kan ik lekker doorrijden. Ik ben een beetje aan het proberen met het gemiddelde verbruik van de motor, tot 160 km/u gemiddeld kan ik 220 tot 230 kilometer op 17 liter rijden (1 liter op 13,5 kilometer) tussen de 160 en de 200 gemiddeld zakt dit tot 190 tot 200 kilometer (1 op 11,8). Op de terugreis zal dit zelfs naar 1 op 9,2 zakken, niet goed voor het gemiddelde. Ik vraag mijzelf dan ook sterk af of het verstandiger is om constant 150 te gaan rijden of 180.
Aangezien het ook leuk moet blijven kies is voor de 180 km/u en neem een extra tankstop voor lief.
Net voor Lyon tank ik nog even voor de zekerheid, helaas ben ik dan net de tolweg verlaten en tank (4e) ik bij een slechte pomp. Geen goed sanitair en geen mooie winkel zelfs een lekkere rustplaats is hier niet en dus gaat het snel weer verder, Lyon wil ik ook door zijn voor 16:00, dit vanwege het starten van de files.
Om 15:50 ben ik Lyon door (door de tunnel) en gaat de rit verder.
 

Op de rondweg passeer ik een politieauto rechts met 160 km/u waar je 90 mag. Ik verwacht dat dit mijn budget gaat inkorten, maar de agenten hebben niet eens tijd voor me. Ze kijken niet op of neer. Na een periode van rustig(er) rijden kan het gas weer open, het laatste stukje naar het zuiden kan beginnen, ik heb mijzelf ondertussen voorgenomen om in de Ardèche mijn eerste hotel te zoeken. In de vakantie ben ik hier ook geweest en de mooie wegen staan mijn nog goed bij. Een ritje naar Ruoms en Vallon Pon ‘d Arc. staat dus op het menu. Nog 250 km op dit moment, even doorbijten al begint de vermoeidheid voelbaar te worden. Ruimer anticiperen en niet overmoedig worden op het laatste stukje. Om mijzelf te trakteren dat het zo goed is gegaan gaat de snelheid omhoog naar constant 200 km/u zeker op de bochtige snelwegen onder Lyon is dit een waar feest, regelmatig staan er borden dat de snelheid niet hoger mag zijn dan 110, om dan toch met 220 km/u een dergelijk bocht in te duiken is een geweldige kick. Ik passeer regelmatig andere “sportieve” motorrijders maar geen enkele pikt aan om even lekker mee te stoeien. Waarschijnlijk omdat de snelheid constant boven de 200 staat en er continu bochten in de weg zitten haken de meeste af, ook het links, rechts en tussendoor inhalen van andere verkeersdeelnemers (chicanes) zal hieraan geen goed doen. Moet ik dan toch eens bij mijzelf te raden gaan?? Gezien de snelheid heb ik hiervoor geen tijd is gaat het vooral spoedig door. Wel kijken er verschillende mensen minder vriendelijk tijdens de eerst volgende tankstop, maar dat zou ik ook doen als ik in een auto had gezeten.
Om 17:07 rijd ik de snelweg af bij afrit 18 net onder Montémillar, op dat moment met een gemiddelde van 133 km/uur.
Er is dan 975 km gepasseerd. Dat is lekker gegaan. Ik ben, nu ik weer van de snelweg af ben, redelijk fris en kan hierbij de zithouding van een ZX-9R alleen maar roemen. Dat de R1 hier maar een puntje aankan zuigen.

Nu volgen nog de laatste 100km welke tussen mij en de hotels liggen, ik ken de weg nog een beetje en weet dat het ongeveer 30 á 50 km duurt voordat het asfalt weer prima is.
Tijdens deze stukken slecht asfalt is het weer fantastisch genieten van de omgeving, ’s ochtends nog in het kille Nederland, in de middag al cruisend door de Ardèche. Verschillende kruiden kringelen door mijn neus naar binnen, dit kun je met een auto nooit zo ruiken en voelen, de temperatuur is opgelopen naar een lekkere 28 graden en het boeket kruiden doet de rest. Jammer dat het eerste stuk het asfalt zo slecht is, maar het geeft wel de tijd en rust aan de omgeving. Mijn oordoppen zijn wel heel snel uitgegaan op deze slechte wegen, het rommelen van deze dingen in mijn oren is niet prettig. Op de snelweg is het een uitkomst, op slechte wegen een ramp.
Van Pierrelatté gaat het over de D4 naar St. Remèze, een leuke weg zonder veel hoogtepunten
Van St Remèze naar Vallon pont-dArc is het echter een super weg, bochten waar geen einde aan lijkt te komen met een prachtig asfalt, dit is een ½ uur alleen maar remmen, sturen, gas geven en kwijlen. Jammer is dat het regelmatig met 15% en meer naar beneden gaat, ik houd meer van naar boven rijden dan naar beneden, nu moet je meer aandacht geven aan je remmen en er meer op vertrouwen terwijl naar boven rijden meer opties biedt.

In Vallon pont-dArc aangekomen ga ik zoeken naar een hotel, niet te duur maar wel een beetje leuk tonend. Ik kom er geen tegen en rijd dus ook maar door naar Ruoms, een dorpje iets verder. De rit loopt langs de rivier Ardèche en het is een schitterend weerzien. Een ritje naar de camping waar we deze zomer stonden blijft dan ook niet achter. De Nederlands sprekende receptiemedewerkster is er niet meer, de Française welke er deze zomer stond is er nog wel en spreekt gelukkig wat engels. Ik vraag even naar de prijs van een caravan voor 3 á 4 nachten, helaas moet ik het dan per week boeken en kost me dit meer dan een luxe hotel. Tevens staat de camping redelijk leeg, niet echt gezellig dus. Dus wederom richting Ruoms, na een paar rondjes door dit dorp klop ik aan bij het “Hôtel de Ville”. Dit is echter gesloten en ik moet weer verder. (Het zal nog een andere betekenis krijgen, maar dat is voor later)
In het “centrum” vind ik hotel Theodôre, het ziet er voor Franse normen redelijk uit en boek hier een kamer. De Franse hotels welke ik tot nu toe bezocht heb zijn niet top, de lakens en handdoeken zijn wel schoon, maar de kamers zijn onder Napoléon ingericht en gemoderniseerd……
De douche en toilet zijn net oké en doen goed dienst, zelfs de mindere douche voelt nu als een genezende bron in de Pyreneeën na de 1075 kilometer welke vandaag gepasseerd zijn.

Om niet te ver meer te hoeven lopen of rijden besluit ik hier ook te eten, het zal de laatste keer zijn. Wel goedkoop, voor € 9,= (incl 0,38 ct fooi) heb ik voldoende gegeten.

’s Avonds rijd ik nog een rondje rond Sampzon, een uitkijkpunt over de Ardèche met een super weg er naar toe en weer naar beneden. Ik kom in de schemer weer terug en ben blij dat ik mijn fietsbril mee heb genomen. Ik rijd namelijk met een donker getint vizier en als het gaat schemeren in een onbekende omgeving is het handig als deze open kan blijven staan. De hoeveelheid insecten hier welke tegen mijn bril tikken is niet te beschrijven, als of die beesten allemaal boven de weg hangen. Fijne bril dus.
Na de kleding te hebben afgeworpen is het de route voor morgen plannen en snel in slaap vallen. Het is toch nog 24:00 uur geworden en ik besluit om geen wekker te zetten.
Ik heb alle zenders (7!!) van de televisie geprobeerd, maar er is er geen één welke een andere taal gebruikt dan Frans, nu is het dus echt voldoende en ik ga lekker slapen, iets wat niet op zich laat wachten.

Dag 2 begint lekker relaxed, wakker worden, opfrissen en lekker ontbijten.
Oeps, ik ben ik frankrijk, lekker ontbijten is er dan ook niet echt bij, een Petit déjeuner is het enige waar ik op kan rekenen en dit is niet veel. Het enige broodbeleg wat ik krijg is honing.
De koffie is gelukkig goed gezet en dit maakt veel goed. Na een rustige start ga ik mijzelf aankleden, ik besluit vanwege de warmte om niet mijn lederen broek aan te trekken, maar een spijkerbroek. Het is een goede beslissing, nu is er veel meer mogelijkheid om te luchten, wel rijd het niet super ontspannen, maar het ontbrekende zweet maakt veel goed.
De eerste rit van vandaag loopt langs de rivier de Ardèche, de D290.
Dit is een weg zonder rechte stukken en met continu het hoge uitzicht op de rivier. In het hoog seizoen is het hier aansluiten achter de meute van toeristen, nu blijkt deze prima te berijden, regelmatig stoppen voor het uitzicht completeert dit. Ik rijd de route tot St. Martin de Ardèche, hierna had ik gepland staan om de route over St Marcel de Ardèche te laten verlopen en over St. Remèze terug te gaan. De D290 is echter zo verschrikkelijk mooi dat ik de zelfde weg terug besluit te rijden. 37,5 kilometer enkele reis, hemels.

Onderweg lekker genietend van espresso en Eau de vie, veel meer heb je niet nodig in je leven.

Op een van de mooiere uitzichtpunten van de rit, Belvédère de la haute Corniche, sta ik een tijdje mijn zonden te overdenken. Na de conclusie dat ik hiervoor te weinig tijd heb stap ik weer op en rijd verder, cruisend, want met zoveel schoonheid en indrukken rond je heen kun je niet anders dan een beetje te vervallen in een mijmerende toestand. Dagelijkse zorgen vervallen, prestaties tellen niet meer en wat rest is een serene rust.
Terug in Vallon besluit ik om een kleine lunch te nemen, hier is het nog gezellig druk en is er voldoende te zien. Grappig is om naast Nederlanders te zitten welke ongegeneerd voluit praten over hun privé zaken, er zit immers toch geen Nederlands stel in de buurt ….
Na een lekkere lunch besluit ik het cruisen te verlaten en nogmaals de route naar St. Remèze af te leggen. Een ritje heen en terug van 45 km waar ik toch bijna 1 uur over doe, terwijl het uitaccelererende vermogen van de motor in bijna elke bocht getest is.
Een goed overzichtelijke weg met nieuw asfalt, wat kan een sportende motorrijder zich nog meer wensen, zeker na een lekker ontspannende ochtend….
Om 15:00 uur ben ik weer terug in Ruoms, ik moet wat drinken kopen in de supermarkt. Het continu leven op de terrassen is zeer tijdrovend en ook redelijk duur. Ik besluit een paar flesjes Cola en water in te slaan en weer lekker verder te rijden. De totaalprijs voor dit alles is € 17,= maar ik kan er 1,5 dag op teren. Op het terras had dit een veelvoud in tijd en geld gekost.
Vanuit Ruoms rijd ik nu de andere kant eens op, een welke nog volledig onbekend is voor mij.
Ik pak de D4 naar Bellevue en daarna naar Joyeuse. Deze kant van de rivier de Chassezac is echter minder mooi wat het uitzicht aangaat, het asfalt is van prima conditie.

Toch besluit ik om binnendoor naar de grotten van Orgnac te rijden, de grotten heb ik al gezien dus deze rijd ik voorbij. De weg is uitgehakt in een rotsachtige bodem en rammelt en trilt de gehele tijd, snel een andere weg opzoeken is de conclusie. Helaas duurt het nog 20 km voordat dit gevonden is, natuurlijk. Mijn polsen en rug zijn meedogenloos getreiterd en zijn weer even toe aan een rustpauze. Via Grospierres rijd ik wederom naar Ruoms om te douchen en mijzelf klaar te maken voor het avondmaal, niet meer in het hotel, dat was duidelijk.

Bij het oversteken van de rivier de Ardèche kom ik langs een restaurant wat er goed uit ziet, aangezien dit maar 5 km van mijn hotel vandaan is besluit ik om daar te gaan eten.
Het blijkt een prima beslissing, het eten is er zalig, wel blijkt het het enige restaurant in de omgeving te zijn met 2 Michelin sterren. Achteraf had ik kunnen kijken naar de prijzen en of had het op moeten vallen bij de St Jacobs schelpen, truffels en andere ingrediënten.
Maar in verhouding tot de vorige avond heb ik zalig gegeten en rijd ik voldaan terug naar het hotel.
Hier neem ik nog een borrel, tijdens het eten kon dit niet. Ook deze avond val ik als een blok in slaap. Ondanks het vandaag maar 270 km waren is het toch vrij vermoeiend geweest.
Minder asfalt in Orgnac, sporten naar St Remèze, genietend van de Ardèche.

Alles passeert ’s nachts de revue nogmaals, de glimlach hierbij is alleszeggend.

De volgende ochtend ontbijt ik een paar kroegen verder, niet veel beter, maar nu heb ik tenminste een Nederlandse krant kunnen kopen. Bij het ontbreken van een gezel is dit een welkome aanvulling. Ik besluit het hotel te verlaten en de Ardèche te doorkruisen.
De route moet vandaag naar Mende of Clermont Ferrant leiden, maar zien hoever ik kom.
De voorspelling is dat het kan gaan regenen en eventueel dat er onweer kan komen.
Ik heb geen regenpak of andere hulpmiddelen tegen de regen, maar in het leder kan ik het 1 uur uithouden zonder nat te worden. Ik besluit dan ook gewoon te gaan, ongeacht de voorspellingen.
Door het relaxed ontbijt ben ik wel laat weg, om 10:30 zit ik pas op de motor en begint mijn dag pas echt.

De weg leid van Ruoms naar Villefort, de D901, jammer genoeg is het asfalt hier nat en zitten er veel reparatiestukken in het eerste deel. De omgeving is het echt waard en het blijft dan ook een feest om hier te rijden. Bij villefort kruis ik een groot meer, aan de kringen in het wateroppervlakte te zien zit hier een hoop vis, de uitzichten en weerspiegelingen in het water zijn wederom van grote klasse. Ik vraag mijzelf af waarom ik niet hier in de buurt ga wonen. Ik kan er geen antwoord op vinden, toch rijd ik terug naar boven, snappen doe ik het ook niet.
De 60 km van Villefort naar Mende over de D901 is er een van grootte klasse. Het asfalt is goed, de weg droogt onderweg goed op en de uitzichten blijven perfect.
Na 45 minuten moet ik het rustiger aan gaan doen, mijn beenspieren gaan flink protesteren tegen het constant naast de motor hangen. Later zal dit nog een flinke spierpijn opleveren.
De beloning is echter veel groter dan de moeite, dus daar heb ik wel een week spierpijn voor over.
De D901 gaat niet veel omhoog of omlaag, het is meer een route uitgehakt in een bergwand en de rivier de lot volgend.
Dit is echt verplichte kost voor elke motorrijder, niet moeilijk (vrij vlakke weg), prachtige uitzichten en voor de sportieve rijders: redelijk overzichtelijk, breed en fantastisch asfalt.

In Mende slaat het noodlot toe: Het begint te regenen. De regen komt uit het zuiden en mijn route loopt richting het noord noord westen. Ik besluit dan ook om zonder oponthoud door te kachelen, helaas moet Mende hierbij overgeslagen worden. Wat ik er van gezien heb is dit echt een zonde te noemen.
De N106 door St. Amans richting de snelweg is een schitterende weg, de snelheden gaan hier regelmatig, ook in de bochten, boven de 200 km/u. Het is een prachtige weg al moet je wel de maximum snelheid met voeten treden om hier volledig aan plezier te hebben.
Ik ben er een sport van het maken om de geadviseerde snelheid van een bocht te verdubbelen, dit gaat goed op twee bochten na. Deze twee bochten vragen om een grote controle, de gehele bocht door remmen, akelig plat hierbij en uitkomend op de verkeerde weghelft. Dit is dus echt niet goed meer. Maar gelukkig is het zonder kleerscheuren te volbrengen. Het enige wat mij verontrust is dat ik er al niet meer van schrik. Poep gebeurd en doorgaan is de stelling.

Deze 53 km zijn lekker snel afgelegd. Helaas haalt de regen mij in bij een tankstop. Ik besluit dan ook om de snelweg naar het noorden (Clermont Ferrant) te nemen voor een 100 á 150 km hopelijk blijf ik dan de regen voor de rest van de dag voor.
De snelweg A75 is er weer een met een gouden randje, helaas is het kletsnat maar de meter staat toch continu boven de 150 km/u. Tijdens een afdaling in de stromende regen kom ik er achter dat 250 km/u het maximale is voor de waterafvoer van de Dunlop D208 banden. (1 week voor vertrek nieuw gemonteerd) Mijn toerenteller gaat een paar keer als een dolle op en neer (aquaplaning) en ik besluit om de snelheid terug te brengen naar 180 en lager.

Het lukt uiteindelijk wel om de regen voor te blijven en voor Clermont Ferrant ga ik daarom na 135 km weer de snelweg af. Binnendoor naar boven richting Vichy, de D1093 is hierbij leidend. Na de Ardèche is dit een stuk minder, het is niet slecht maar niet meer top. Hoe snel kan een mens verwend raken. Deze wegen zijn voor de Limburgse motorrijders nog steeds een genot om overheen te gaan. De Ardennen begint er een beetje bij in de buurt te komen.
In Vichy heeft de regen mij in al zijn hevigheid ingehaald en wordt ik getrakteerd op lekkere moessonregens.
Ik onderga mijn lot druipend en rijd gewoon door, langzaam begint mijn pak te lekken, een goede schuilplaats kan ik niet snel vinden en rijd dan ook gewoon maar door.
Ik besluit in Autun te slapen, een plaats waar ik al eerder ben geweest met vakantie. Een gezellige omgeving.
De weg naar Autun heeft echter een omleiding: Er zit een Mc Donalds 10 km verder, ik besluit hier een lekkere snelle hap te nemen en wijk daarmee af van de route. Na de kleffe hap rijd ik door naar Chalon sur Saone, een stad naast de Route du Soleil, 100 km onder Dijon.

Hier ga ik een hotel zoeken om morgenvroeg naar Nederland terug te rijden. De regen is niet goed uitgekomen in mijn planning.
Aangekomen in Chalon ga ik opzoek naar een goed hotel en kom uit bij het “Hotel de Ville”.
Ik loop hier naar binnen en vraag om een kamer. De receptioniste kijkt me vreemd aan en begint te brabbelen in het Frans, ik leg uit dat dit te snel gaat voor mij en ze begint op nieuw, gedeeltelijk in het het engels.
Het blijkt dat een “hotel de ville” een gemeentehuis is en niet iets om te slapen. Na samen uitgelachen te zijn legt zij mij uit waar ik een goed hotel kan vinden en ga ik weer verder.
Volgende keer toch iets meer Frans leren.

Op haar aanwijzingen vind ik een redelijk hotel, het St. Regis hotel (http://www.saint-regis-chalon.fr), en besluit hier een kamer te boeken voor de nacht, het is dan ondertussen 19:00 uur en ik heb 623 km gereden, de meeste hiervan binnendoor. Kortom ik ben redelijk moe en wil een prima hotel.
Op het moment dat er een chaperon meeloopt om mijn bagage naar mijn kamer te brengen wordt ik iets nerveus, ik denk dat ik de prijs niet geheel goed heb gehoord. In mijn kamer aangekomen blijk ik gelijk te hebben, een garderobe inloopkast, een badkamer met wastafel, douche, jacuzzi en toilet, en de kamer ingericht met stoelen welke bij de zonnekoning (louis 14e) passen blijkt een redelijke deuk in mijn budget te slaan.
Ik ben te moe om me er echt druk over te maken en besluit er van te gaan genieten.
Een duik in de jacuzzi doet wonderen en later op de avond besluit ik de stad nog in te gaan.

Ik kom hierbij langs een Irisch Pub en denk daar eindelijk iets anders dan Frans te kunnen praten, helaas het zijn allemaal Fransen, gelukkig spreekt de bardame engels en heb ik wat conversatie mogelijkheden. De eerste keer in 3 dagen. Na drie pints Forsters (0,5l) besluit ik de avond voor geslaagd te verklaren en ga weer slapen, aan mijn benen te voelen een goede beslissing.

De volgende ochtend heb ik eindelijk weer eens een continentaal ontbijt en kan ik beter gevuld de dag aanvangen. Het afrekenen blijkt een pijnlijke aangelegenheid te zijn.
Voor een kamer met ontbijt en 1 biertje moet ik precies € 100,= aftikken. Maar gezien het eerdere hotel ben ik nog genegen te zeggen dat het zijn geld waard is. Ik heb er ten volste van genoten.

De laatste dag van mijn verblijf begint redelijk het lijkt droog te blijven en de omgeving is best mooi te noemen, geen Ardèche maar wel de moeite waard. Hemelsbreed ben ik overigens 250 km van Ruoms verwijderd, echt economisch is de rit van gisteren niet geweest, maar ik doe het zo weer.
Ik besluit om vandaag terug te rijden naar Nederland, ongeveer 700 á 750 kilometer gaat het worden en ik wil dan ook minimaal 1/3 van de rit niet over de snelwegen afleggen.
Voor de start van de dag ga ik meteen de snelweg op en rijdt richting Troyes over Dijon.

Hierna binnendoor verder. Noord Frankrijk is normaal schitterend maar vanaf het moment van binnendoor steken begint het te regenen, iets wat het de komende 3 uur blijft doen. De snelheid gaat zelfs op de binnendoor wegen naar de 160 á 170 km/u. Er is namelijk geen zak aan noord Frankrijk in de regen.

Bij Chalon sur Champagne ga ik weer een stukje de snelweg op, ik ben dan echt doorweekt en begin het vreselijk koud te krijgen. Tot overmaat van ramp rijd ik ook mijn benzinetank naar reserve in 156 km en moet ik de laatste 40 km naar de pomp op 2 liter zien te halen.
Continu boven de 210 is dus niet goed voor mijn benzineverbruik. 1 op 9,2 is het schamele resultaat. In Suippes kan ik eindelijk tanken, 18,93 liter !! totaal kan er in mijn tank 19 liter in, ik was dus zeer zenuwachtig de laatste 15 km.
De laatste stukken gaan nog steeds in de regen richting België, pas onder Charleroi wordt het pas weer definitief droog. De lol is er dan voor vandaag wel een beetje af en over de snelwegen ben ik hierna zsm naar huis gereden. Hierbij de eerder opgedane ervaringen in Frankrijk (inhalen over de regresseer stroken ed.) ten volle benut. Belgen en Nederlanders kunnen deze technieken echter niet goed waarderen zodat als je dit toepast in België of Nederland je het in één keer goed moet doen, met overmacht en resoluut. Hou je jezelf hieraan dan is er goed te leven met deze methodiek van rijden. Ik denk alleen niet dat het helpt aan het beeld wat motorrijders oproepen in de hoofden van automobilisten.
Dit is wel de enige methode om nog een beetje te kunnen doorrijden in deze landen, dus als je ooit op de linkerbaan zit en er komt je een blauwe ZX-9R voorbij, prettig kennis gemaakt te hebben!!!!

 Totaal voor deze dag: 777 km in 5:08 uur. Gemiddeld 151,4 km/u. inclusief 200 km over binnendoor wegen.(Kids don’t try this at home!!

Het zijn echter fantastische dagen geweest wat ik eigenlijk elk jaar wil gaan doen, lekker als een kluisenaar, ik en mijn fiets. Helemaal top!!

 Over de 4 dagen heb ik 2745 kilometer gereden verdeeld over:
dag
1:     1075 km, in 08:35 uur =        125,2 km/u             (975 km snelweg)
dag
2:     270 km                   in 07:35 uur =        35,6 km/u               (0 snelweg)
dag
3:     623 km                   in 08:25 uur =        74 km/u                  (135 km snelweg)
dag 4:     777 km                   in 05:08 uur =        151,4 km/u             (577 km snelweg)
Dit is 2745 km in 29:43 uur: gemiddeld 92,4 km per uur. (lekker relaxed….)
Globaal is er 196 liter benzine verbruikt (€ 213,=), 2 flesjes kettingvet, geen olie.
Dieptepunt verbruik: 1 op 9,2  hoogtepunt verbruik: 1:19,5
De kosten waren ongeveer € 450,= dit is incl. brandstof, eten, slapen, tol, ed.
De waarde van deze rit: € 1000,=  ruim de moeite waard dus.
Misschien komen nog wat prenten binnen, deze zijn nog niet meegerekend of bekend.
 

De globale route: